Zorgbeleid

Handelingsgericht werken

Vanuit een positief klasklimaat tracht het leerkrachtenteam de kinderen ondersteuning op maat te geven zodat zoveel mogelijk kinderen de eindtermen kunnen behalen. We zijn er ons van bewust dat een kind pas tot leren komt wanneer het zich goed voelt. Kinderen moeten kansen krijgen om hun talenten te ontdekken en ze ook te benutten. De principes van Handelingsgericht werken (HGW) vormen de leidraad : 

1. onderwijsbehoeften staan centraal

2. de leerkracht doet ertoe

3. constructief samenwerken

4. wisselwerking en afstemming

5. positieve kenmerken zijn belangrijk

6. doelgericht werken

7. systematisch en transparant

 

Zorgcontinuüm

zorgcontinuum

 

 

 

 

 

Met behulp van een duidelijk zorgcontinuüm (basiszorg, uitgebreide zorg, verhoogde zorg) proberen we zo maximale leerkansen te creëren. Dit continuüm vind je ook terug in ons digitaal leerlingvolgsysteem.  Het zorgtraject wordt doorlopen.

 

Preventieve basiszorg

Als school zetten wij sterk in op een preventieve basiszorg.

Preventief handelen en leerlingendifferentiatie vormen de basis van ons onderwijs in iedere klas.  Dit gebeurt aan de hand van een gerichte keuze van methodes en didactische materialen, klasorganisatie, werk- en groeperingsvormen.  Ook in ons huiswerkbeleid komen deze principes tot uiting.

De SES-lestijden worden weldoordacht en flexibel aangewend. Tussentijds evalueren we op schoolniveau de werking en kunnen er in overleg aanpassingen gebeuren (ook tijdens een schooljaar).

 

SES in de kleuterschool

De SES-lestijden in de kleuterschool worden, in een notendop, gebruikt om op een interactieve manier kindkennis te vergaren waardoor nadien het aanbod in de klas kan afgestemd worden aan de noden.

De SES-leerkracht werkt klasintern.  Slechts bij uitzondering, wanneer dit wenselijk is omwille van de aard van de activiteit of de specifieke noden van de kleuter, wordt een groepje of individuele kleuter apart gezien.  Door de klemtoon te leggen op een klasinterne werking proberen we te voorkomen dat zorgkleuters zich “anders” gaan voelen of buiten de groep komen te staan.  Bovendien stimuleren we zo dat kleuters leren van elkaar, en elkaars sterktes en zwaktes aanvullen.  Ook creëert het werken met kleuters binnen de klascontext maximale observatiekansen : op deze manier krijgen we zicht op zowel de sociale interactie, als het functioneren doorheen de dag, als de specifieke vaardigheden die we trachten bij te brengen.

 

Kleuterparticipatie

Inzetten op leerlingenbegeleiding in de kleuterschool kan uiteraard enkel als kinderen dagelijks en regelmatig op school aanwezig zijn en participeren aan de school- en klaswerking. Het is een belangrijk uitgangspunt van ons zorgbeleid in de kleuterschool.  Dit trachten we reeds van bij de inschrijving aan de ouders van kleuters duidelijk te maken.

Hoewel kleuters niet verplicht zijn om naar school te komen loont het toch zeker de moeite.  De kleuters leren in de klas immers sociale vaardigheden, raken er vertrouwd met taal en praktische vaardigheden en worden er voorbereid op het lager onderwijs. Voor anderstalige kinderen is de kleuterschool een prima plek om Nederlands te leren. Ook kinderen die thuis weinig structuur krijgen, vinden houvast in de kleuterklas.  Vandaar wijzen we ouders, zowel schriftelijk als mondeling, op het belang om dagelijks en tijdig op school toe te komen.  Des te meer regelmaat des te beter voor de kleuter.

Regelmatig wordt op school een actieweek op touw gezet om alle kinderen en ouders te stimuleren om tijdig op school aanwezig te zijn.  We wijzen dan op het belang van de onderwijstijd en op de goede houding die we kinderen van meet af aan willen meegeven. 
 
 

Gestructureerd overleg

Er vindt wekelijks een gestructureerd overlegmoment plaats tussen de klas- en de SES-leerkracht.  Binnen dit overleg worden afspraken gemaakt over de inhoud en de organisatie van het thematische aanbod, om ervoor te zorgen dat alle kleuters binnen dit aanbod optimale leerkansen krijgen.  Daarnaast worden ervaringen en observaties over individuele kleuters uitgewisseld, zodat het toekomstige aanbod hier ook op afgestemd kan worden.

Andere punten binnen het overleg zijn :

  • Het uitwisselen en bespreken van de resultaten van genormeerde toetsen
  • Het -zo nodig- opstellen en opvolgen van een handelingsplan voor risicokleuters
  • Het voorbereiden en eventueel nabespreken van oudercontacten
  • Het mee opvolgen van bepaalde aandachtspunten uit het actieplan met het OCB

 

SES in de lagere school

Ook in de lagere school worden de SES-lestijden bijna uitsluitend klasintern gebruikt. Om deze werking optimaal te laten verlopen, wordt er minimum om de twee weken overlegd.

Wanneer er een grotere leerachterstand is kan er wel in kleine groep klasextern gewerkt worden voor een langere periode met als doel deze leerachterstand in te halen.

Voor de leerlingen met een leerstoornis (of vermoeden ervan) kiezen we, in samenspraak met ouders en CLB, sticordi-maatregelen. Deze worden regelmatig geëvalueerd en indien nodig aangepast.

 

Zorgteam

In onze werking is er ook een zorgteam. Dit team bestaat uit de directeur, de SES-leerkracht van de kleuterschool en de zorgcoördinator. Wekelijks hebben ze overleg waarin schoolvisies verder uitgediept worden, personeelsvergaderingen en studiedagen voorbereid worden en knelpunten besproken worden.

De zorgcoördinator bereidt samen met de leerkrachten de MDO’s voor en zorgt voor de communicatie tussen CLB en school.

In de uitgebreide functieomschrijving zijn er nog andere taken van de zorgcoördinator opgenomen. Enkele van deze taken zijn: leerlingen remediëren, het volgen van nascholingen, oudergesprekken voeren, met leerlingen spreken rond een bepaald onderwerp, coachen van nieuwe leerkrachten, het LVS aanvullen, ...

 

Leerbedreigde kinderen

Om leerlingen met een handicap of met leer- en opvoedingsmoeilijkheden de kans te geven om les te volgen in onze school, kunnen wij 'GON-begeleiding' aanvragen. GON staat voor ‘geïntegreerd onderwijs’.

Het initiatief om GON-begeleiding aan te vragen, kan uitgaan van de leerling zelf, de ouders, een school, een CLB of een combinatie van de betrokken personen.

Dit is enkel mogelijk voor :

-kinderen met een matige of ernstige mentale handicap

-kinderen met een fysieke handicap

-kinderen die zijn opgenomen in een ziekenhuis of preventorium

-kinderen met een visuele handicap

-kinderen met een auditieve handicap

Een personeelslid van een school voor buitengewoon onderwijs verzorgt de GON-begeleiding. De begeleiding kan op verschillende manieren gebeuren, bv. hulp aan het kind zelf, ondersteuning van de leerkracht(en), zorgen voor aangepast materiaal …

Om de GON-begeleiding maximale slaagkansen te geven is regelmatig overleg met alle betrokken partners nodig. 

 

Wanneer een kind op onze school niet meer de nodige ondersteuning kan krijgen waarop het recht heeft zal de overstap naar een andere of een buitengewone school samen met de ouders voorbereid worden. Het CLB is hier ook een belangrijke partner. We zien het samen scholen bezoeken, de nodige afspraken samen maken, de nodige documenten helpen invullen, … als een vanzelfsprekende taak van onze school.

Voor kinderen die de overstap naar het buitengewoon onderwijs willen maken maar geen plaats vinden, zal de school ook in overleg met de ouders een individueel leertraject uitstippelen. Dit traject zal dan ook regelmatig moeten worden geëvalueerd en bijgestuurd wanneer nodig. Het welbevinden van het kind is hier een belangrijke factor. 

Voor kinderen van onze school, die na een verblijf in het buitengewoon onderwijs terug kunnen aansluiten op het reguliere programma, wordt in onze school een plaats voorbehouden.  Voor deze kinderen kunnen we ook een beroep doen op GON-begeleiding.

Er zal in dat geval dan ook overleg gepleegd worden met de ouders, de betrokken school en niet te vergeten het kind zelf om zo de re-integratie maximale slaagkansen te geven.